Wednesday, December 31, 2008

Een mis in Joppe.



Vandaag de begrafenis van Huub Wintraeken. Huub en ik hebben vele malen getracht de gebeurtenissen op deze aardbol te begrijpen, hij als gelovig katholiek en ik als ongelovige. Huub was een mensenman sprak iedereen aan en was volkomen ongevoelig voor status. Bij hem kon je alleen jezelf zijn en geen aanspraak maken op wat dan ook van buiten. Een heerlijke man, een beminnelijke man zei Janny Korenblik, die hem bij mij leerde kennen.
Een prachtige mis met een koor in de kerk in Joppe. Huubs zwager pater Joop Banning leidde de mis. Het mooiste waren voor mij de kleinkinderen op de voorste rij in de kerk.. Daar waren drie prachtige dochters met hun (ook prachtige) mannen voor verantwoordelijk. Acht kleinkinderen ze kwamen van verre: Soesterberg, Peachtree City, U.S.A. en Accra, Ghanna.
N.B. Deze mis in Joppe was een bijzondere gebeurtenis die tot stand is gekomen met hulp van het toeval. Toeval dat Huub een zwager had die pater is. Toeval dat een vriendin de relaties had om tijdig het koor bijeen te krijgen. Nee, dit is zeker tegenwoordig niet meer vanzelfsprekend. Mijn vriend Ern vertelde me dat het hem voor de begrafenis van zijn moeder niet lukte om een mis te organiseren zoals zij die graag wilde. Het ontbrak de katholieke kerk aan de mensen en middelen ondanks dat het geld geen probleem was!
Klik op de foto's voor een vergroting.

Sunday, December 28, 2008

Arthur Japin.


In het katern Opinie & Debat van de NRC van gister schrijven een aantal bekende Nederlandse intellectuelen waarover zij van gedachten zijn veranderd. Een mooi onderwerp en zeer plezierig te lezen wat de schrijvers daarover vertelden.
Zelf verander ik gelukkig ook nogal eens en juist gisteravond heel sterk (toeval?). Zo sterk zelfs dat ik daar kond van moet doen vind ik. Het gaat om mijn mening over Arthur Japin, ik vond hem nogal gemaniëreerd echt aanstellerig.
Gisteravond zag ik hem in het programma QI van de VARA als presentator. In dat programma gaat het niet om de juiste maar om de interessantste en humoristische antwoorden. Ik ben 180 graden gedraaid over Arthur Japin. Een bijzonder aardige en warme man, spits zeer snel veel humor enzovoort. Niemand afkatten maar juist inspirerend om de deelnemers nog leukere antwoorden te laten geven. Mijn excuses voor mijn vroegere vooroordeel en mijn hoed af voor de echte Arthur Japin!

Saturday, December 27, 2008

Zoals het gaat.



Een moeilijke dag voor de werkelijkheid. Vanmorgen stierf Huub, zijn familie en vrienden hebben dit verwacht maar je zweeft toch tussen die wereld die je niet kent (niet bestaat) en de realiteit. Veel plezier hebben wij samen gehad over het niet geloven (ik) en het wel geloven (hij). Vele gesprekken soms wekelijks en later ook als hij wist dat Esther, mijn thuiszorg, er was omdat zij iets toevoegde wat wij kennelijk niet wisten of hadden.
Maar vandaag sprak ik ook een champagnebrunch af voor vier personen (Esther, Janny, Wil en ik) op mijn verjaardag in een klein restaurant in de Spijkerboorsteeg in Deventer, ja ik weet wel hoe je jezelf kunt verwennen.
Ook diende ik nog als kennisbron voor Ellen de Bruin die een passage, in het Nederlands, uit Hamlet zocht. Michiel leidde me door mijn eigen boekenkast naar Hamlet: “Neen, neen, het is maar gekheid; vergiftiging uit gekheid; geen sprake van enige aanstoot.”
Het ging hier om een vertaling Van Dr. L. A. J. Burgersdijk van Shakesspeare.
Het artikel in het Economiekatern van het NRC Handelsblad van vandaag waar Eliane deze tekening voor maakte heb ik ook gelezen.
Ik kon alles goed afsluiten met mijn laatste oesters en een heerlijk glas wijn. De twaalf oesters gingen in drie fasen: gisteren vier rauw met citroen en wijn, vandaag in tweemaal vier onder de gril. Ik heb het oestervocht nog over voor een sausje morgen

Thursday, December 25, 2008

Branden en broeien.


Dezer dagen werd ik veel uitgenodigd voor een drankje en een hapje. Daarbij ontmoette ik twee vrouwen die de thuisslacht van het varken van vroeger kenden. Dankzij hen ontdekte ik dat mijn beschrijving (28maart 2005) van het branden van het varken in een vuur van stro maar een deel van het verhaal is. In deze streken werd het ontharen gedaan door het varken vrij lang met heet water te besproeien, het dier werd “gebroeid”, en dan met een schraper schoon geschraapt. Zou het kunnen dat in Zeeland waar ik vandaan kom en waar veelmeer graanboeren voorkomen dan hier stro niets kostte? Waar werd gebrand en waar gebroeid?
Deze foto maakte ik vorig jaar onder Ruurlo bij een biologische boer. Ja ook deze schatjes worden geslacht.

Monday, December 22, 2008

Vandaag.


Van Esther, mijn thuiszorg, kreeg ik een kerstpakket dat is natuurlijk de omgekeerde wereld maar het zal me prima smaken. Daarna de garage waar het mankement verholpen werd terwijl ik wachtte en mijn diagnose juist bleek (lek in vacuümslangetje, ik trots). Vanmiddag de bank die me waarschuwde dat ik in mijn onschuld bijna de belastingen aan het flessen was. Tja eenvoudiger kunnen ze het niet maken maar dan moet je dat eenvoudige wel weten en begrijpen. Gelukkig leidt mijn vroegere buurvrouw me altijd door het belastingenbos. Daarna om te bekomen van de schrik een glas wijn bij Janny waarbij ik haar kon wijzen op Venus die in al haar pracht om 5 uur haar rol als ‘avondster’ waarmaakte. Voor ik mocht drinken moest ik wel eerst een gedicht declameren dat is de afspraak. Toen de grootste verrassing van de dag: Zeeuwse oesters bij Super de Boer ik vroeg de bedrijfsleider of dit voor het eerst was, hij wist het niet zeker.
Het gedicht: waarom werd het Geerten Gossaert? Weet ik niet, dat plopt dan plotseling naar boven. Ik heb De Moeder van Neeltje Maria Min er nog wel bijgedaan als toetje om hier geen moeilijke reacties te krijgen.

De Moeder
Hij sprak en zeide
In 't zaal zich wendend:
Vaarwel, o moeder,
Nooit keer ik weer...
En door de lanen
Zag zij hem gaan en
Sprak geen vervloeking maar weende zeer.
Sprak geen vervloeking
Doch, bijna blijde,
Beval den maagden:
Laat immermeer
De zetels staan en
De lampen aan en
De poort geopend, de slotbrug neer.

En toen, na jaren,
Melaatsch een zwerver
Ter poorte klaagde:
Uw zoon keert weer...
Zag zij hem aan en
Vond geen tranen
Voor zoveel vreugde geen tranen meer.

Morgen eet ik oesters!

Sunday, December 21, 2008

Binnen en buiten.





Buiten.
De eerste foto is het zuidelijk deel van de tuin na vrijdag 19 december 2008. Richard en Pamela leverden die dag acht uur lang strijd tegen het geweld van bomen en struiken en wonnen. Nu kan ik de overkant van de tuin in alle richtingen weer zien en er ook heen lopen.
Binnen.
Dit is het paard dat Laura voor me maakte en dat ik op pakjesavond van Sinterklaas kreeg.
Het paard heeft een ereplaats in de kamer. Gisteren was ik op de verjaardag van Laura in Zutphen. Ze kreeg een glazenbol van me waarmee ze de wereld van alle kanten kan bekijken.
Er zijn mensen die dat niet genoeg vinden en er ook de toekomst in denken te vinden, daar zal Laura te verstandig voor zijn.
Buiten.
De derde foto is een afscheid. Richard en Pamela komen 2 februari nog een keer terug om deze beuk tot brandhout om te toveren. Van de gemeente Lochem heb ik een echte kapvergunning gekregen. Mijn buren van Thuyalaan 3 krijgen komende zomer weer zon en in het najaar geen bladeren meer. Ze zij heel blij.

Thursday, December 18, 2008

Pikorde.


Gisteravond zaten de schrijvers A.L.Snijders (pseudoniem van Peter Müller) en Tommy Wieringa gezellig naast elkaar bij Mathijs van Nieuwkerk in De wereld draait door. Het was sowieso een literaire avond want daarna kwam op Nederland 1 het Groot Dictee met als ster Kristien Hemmerechts. Drie auteurs die ik bewonder en ik weet dat niet iedereen mijn mening zal delen. Waarschijnlijk is Peter de minst en Kristien de meest omstreden auteur van deze drie.
Mathijs noemde enkele malen ‘de selecte groep’ lezers (ook ik behoor daar toe) waar Snijders zijn zeer korte verhalen (zkv’s) per e-mail naar zendt. Mathijs was jaloers op hen en wilde ook in die groep. Ik noem enkele redenen waarom Snijders mij misschien in zijn groep opnam:
1. omdat ik een vriend van Wil ben (voorheen de eenvoudige boekverkoopster uit Zutphen)
2. omdat ik net als hij mijn kippen zelf slachtte
3. omdat ik net als hij atheïst ben, ondanks dat ik dat slechts in de tweede rij en hij dat in de vierde rij is. Hij wees mij uitdrukkelijk op het belang van deze pikorde van de niet gelovigen. In de tweede rij omdat mijn ouders niet gelovig waren maar mijn grootouders wel. De tweede rij komt al weinig voor de vierde rij is zeer zeldzaam.
Ik geef u, als bevoorrechten, de zkv die Peter mij 12 dec. zond:

Tommy Wieringa bezoekt het Museum van de Literatuur in Odessa. In de folder staat iets over schrijvers van 'de tweede rij'. Over hen wordt gezegd: 'Hun aandeel in de ontwikkeling van de cultuur van dit land was niet onbelangrijk'. Hun namen worden niet genoemd.
Tommy schrijft: 'Gewoonlijk ben ik een tegenstander van de opvatting dat de pen machtiger is dan het zwaard, maar voor dit met inkt veroorzaakte bloedbad onder de schrijvers van de tweede rij maak ik een uitzondering. De kwalificatie raakt aan de diepe angst die elke verstandige kunstenaar soms uit de slaap houdt: dat hij er ook een is van de tweede rij, gedoogd in een zijkamer van het museum, terwijl het licht in de grote zaal op anderen valt'.

Ik ontmoet een Japanner bij het Centraal Station. Hij is een schrijver van de tweede rij. Ik laat hem de woorden van Tommy Wieringa lezen en vraag hem of hij die angst ook kent. Hij zegt: 'Nee, ik ben bang dat ik gewoon doodgeschoten word'.

Tuesday, December 16, 2008

Kunst met Jeremy.




Vandaag vertrok Jeremy weer naar Londen, nadat hij eerst bij de Pelikaan in Zutphen de lekkerste koffie had ingeslagen.
Over ons bezoek aan Den Haag schreef ik maandag al. Ons bezoek aan het Kröller Müller van zaterdag leverde zoveel foto’s op dat ik er toch wel twee van moet tonen.
Eerst Jeremy bij het houten beeld ‘Cavallo e Cavaliere’ van Marino Marini en dan bij l’Homme qui marche van Alberto Giacometti. Aardig om de te weten dat die mannen van de tweede foto even oud zijn en wel beide geboren in 1960.
Ik geef toe dat beide beelden zich wel erg duidelijk presenteren om er je bezoek naast te zetten, sorry.
Klik op de foto's voor een vergroting.
Nog even Marini(1901-1980). Hij moet zelf gereden hebben denk ik. 's Morgens om 5 uur over de Gorsselse heide in galop en dan de teugels los en met je oergeluid je armen zo! Op die zeldzame momenten waande je je van de wereld los, alleen mijn paard Kitty en ik bestonden dan nog. Marini moet het gekend hebben!

Monday, December 15, 2008

The beauty and the beast.


Sinds vrijdag logeert Jeremy hier. We hebben een druk programma. Zaterdag het Kröller Müller en gisteren Den Haag met eerst het Fotomuseum en daarna het Gemeentemuseum.
Jeremy had geen herinneringen aan Den Haag en misschien bezocht hij onze hoofdstad voor de eerste keer.
Beide musea gisteren waren een groot succes en zeker ook ons bezoek daarna aan de Posthoorn waar live muziek was.
In het Fotomuseum was Jeremy zeer enthousiast over de expositie van Erwin Olaf. In het Gemeentemuseum bezochten we de tentoonstelling van vader(Jozef) en zoon(Isaac) Israëls. In de eerste zaal was het gelijk raak, plotseling was ze daar ineens uit het niets waar kwam ze vandaan? Jeremy begon te fotograferen en gebruikte mij als ‘the beast’ om van haar ‘the beauty’ een prachtige foto te kunnen maken. Ik voorzag een catastrofe met een inval van de politie, aangifte van privacyschending in beslagname van Jeremy zijn foto’s enz. Het enige wat nog kon was naar haar toegaan, een rolstoel is nooit bedreigend, en vragen of ze wilde exposeren naast een Isaac Israëls. Met plezier, en ik zond haar gisteren de mooiste foto. Haar e-mail wijst naar de Universiteit van Groningen, ze is al drs. misschien gaat ze promoveren op de Israëls? Jeremy zegt nu tegen iedereen dat ik als een blok voor haar viel, gelukkig heb ik mijn rolstoel.
Klik op de foto voor een vergroting.

Tuesday, December 09, 2008

Isabelle op schoot.




Van de prinses kreeg ik een briefje met foto’s.
"Lieve Willem,
Zie mij, op schoot bij Sint en Piet.
De Sint, ook een leuke oude man met een grijze baard.
Ik moest meteen aan je denken!
Veel liefs van Isabelle!"
Dat ze meteen aan mij moest denken is knap van haar. Vele malen ben ik Sinterklaas geweest ook met een echte schimmel en een Piet te paard. Ook ik, zoals elke echte Sint, was er altijd op uit de kinderen op schoot te krijgen dat is het bewijs van je vakmanschap. Bij de hele kleintjes lukte dat soms alleen door de moeder ook op schoot te nemen dat is dan een extraatje bij deze topbaan.

Monday, December 08, 2008

Kat en kunst.



De kunst en de kat hebben iets met elkaar, gisteren liet Theo dat nog eens zien. Misschien is het vooral Theo die de kunst naar zich toetrekt en dat gister ook letterlijk deed. Trouwens Bart van der Leck schilderde Theo al lang voor diens geboorte dus Theo moet een kunstgen hebben. Wat gebeurde gisteren?
Ik ging naar Den Haag om het hier afgebeelde bosgezicht van Jan Kiewiet uit 1942 bij Henny op te halen. Op de achterkant staat ‘Voor Henny 9/3/84 van Helen’.
Henny wilde kort geleden deze tekening wel wegdoen, als leek denk ik dat het pastel op karton is. Henny ging op speurtocht en Googlede Jan Kiewiet en vond uiteindelijk de kleindochter van Kiewiet in Toronto, deze Marilyn is een vriendin van mijn schoondochter Eliane. Wat Google niet allemaal kan aanrichten! Vrienden van Henny spoorden haar aan om Jan Kiewiet te laten taxeren enz., maar nee zij had het gekregen en wilde deze tekening aan de familie teruggeven. Vandaar mijn reis gisteren naar Den Haag/Loosduinen. Nu ga ik me informeren hoe ik zonder Theo deze tekening naar Toronto kan zenden.
Toen ik thuis kwam was ik moe en ging op bed liggen en sliep onmiddellijk. Na ongeveer een halfuur werd ik wakker van een harde klap beneden en een agressief mauwen van Theo. Hij zat naast zijn jachttrofee en had natuurlijk kans gezien er zelf niet onder terecht te komen. De foto laat zijn aanval op de rechterkant zien maar links had hij ook zo aangevallen. Nooit scherpt Theo zijn nagels in huis, altijd buiten aan bomen. Gelukkig zit deze tekening achter kunststof en niet achter glas en kon ik geen beschadiging vinden. Klik op de foto voor een vergroting.
Rechtsboven is mijn flits, zonder flits kreeg ik geen redelijke foto.

Wednesday, December 03, 2008

Afsluiting toeval.


Gisteren sloot prof. Ronald Kleiss met zijn college (10de) de serie over het toeval af. Ik heb van deze HOVO cursus geweldig genoten. Vooral de formule van deze cursus waar wetenschappers van verschillende disciplines het onderwerp behandelden was heel interessant.
Wat Kleiss gister behandelde vindt je hier. Alles samenvattend: het zuivere toeval bestaat. Tot ca.1960 hadden de deterministen de overhand. De quantummechanica en de wiskunde stelden daarna de deterministen in het ongelijk.

Monday, December 01, 2008

Wentelteefjes.


‘S nachts wakker liggen kennen we allemaal. Wat doen we dan? Ik zou wel eens een lijstje willen zien wat de gemiddelde man/vrouw bedenkt als hij niet kan slapen. Ik bedoel dan niet het piekeren en zorgen maken dat kennen we allemaal, dat is niet interessant.
Een van mijn oefeningen is, welke gedichten ik nog wel kan citeren en welke niet meer.
Vannacht wel:
Willem Kloos: Ik ween om bloemen
Jan Engelman: Vera Jannacopoulos-Cantilene
Neeltje Maria Min: Mijn moeder is mijn naam vergeten
Geerten Gossaert: De Moeder
Jan Greshoff: Ik groet u
Yeats: He Wishes for the Clots of Heaven.
Vannacht niet:
Hans Lodeizen: Uit ‘De buigzaamheid van het verdriet’ De Russische dame.
Paul Rodenko; Bommen.
Jan Engelman: En Rade
Welke ben ik vannacht helemaal vergeten?
De meeste gedichten van mijn lijstjes zijn redelijk bekend, ik verwacht dat het prachtige gedicht van Lodeizen het minst bekend is. Dat gedicht staat al op mijn blog van 18 augustus 2007. Daarom nu Greshoff:

Ik groet u

Ik groet u, buurman, kameraad,
Ik groet u, orgelman, soldaat,
Besteller, boer en bedelaar!
Ik groet u, blinde vedelaar!

Ik groet de honden op de straat
En 't paard dat voor de broodkar gaat.

Ik ben als gij, - ook ik bemin
Een vrouw, een kind, wat aardsch gewin -
Gejaagd, gedeukt en toch nog even
Gebrand op dit onzalig leven.

Waarom de wentelteefjes? Toen ik zo 12 of 13 was en bij mijn broer Adrie inwoonde in het dijkhuis bracht Hans Warren wel eens vrienden of bekende dichters mee bij zijn bezoeken aan mijn broer Adrie. Zo herinner ik me een zondagmiddag dat Hans de dichter (waarschijnlijk) Paul Rodenko meebracht. Mijn vijf jaar oudere zusje Nel was zeer onder de indruk, vooral ook omdat zij Nederlands ging studeren. Maar wat nu, Rodenko en Hans wilden best blijven eten en er was niets behoorlijks in huis. Oud brood, melk, eieren en suiker waren altijd wel huis.
Wentelteefjes zou dat kunnen? Het werd een geweldig sukses!

Thursday, November 27, 2008

Geleerdevrouwen.


Prof. Vanpaemel doceert geschiedenis van de wetenschap aan de Universiteit van Leuven. Vanmiddag zat ik met nog een man en drie vrouwen in Nijmegen tegenover hem bij zijn eerste college over de rol van vrouwen in de wetenschap vanaf de 16eeuw. De Radbout Universiteit verdient veel lof dat ze dit college toch liet doorgaan ondanks dat de Nederlandse vrouwen het zo lieten afweten.
Wat opviel is dat de mogelijkheden van vrouwen om zich te ontwikkelen in de 19eeuw dramatisch terugliepen. Vanpaemel noemde Marie Curie een echt dieptepunt voor de vrouw in de wetenschap. Zij was in die tijd de enige vrouw die in de wetenschap op topniveau werkte, terwijl al in 1732 in Bologna Laura Bassi tot hoogleraar in de natuurwetenschappen werd benoemd!
Hier een portret van Émilie du Chatelet die voor velen bekend is als de maîtresse van Voltaire maar als wetenschapper veel belangrijker is geweest. Zij was een van de grootste kenners van het werk van Leibnitz en Newton en introduceerde hun werk in Frankrijk (en kende dus ook haar talen). Ik kreeg de indruk dat Vanpaemel Voltaire maar een domme man vond naast Émilie, maar deze opmerking is helemaal voor mijn rekening!
N.B. Over die drie wel aanwezige dames niets dan goeds hoor. Zij waren 100% aanwezig met hun vragen en opmerkingen en mijn buurvrouw haalde ook koffie voor me.

Wednesday, November 26, 2008

Noodlot en toeval.


Gistermorgen reed ik op een ijsvlakte de Thuyalaan uit voor het tweede college van Klaas Landsman in Nijmegen. Nee, ik ben niet gek want deze HOVO cursus is geweldig. Landsman liet, ook volgens mijn medecursisten onze hersens kraken. Volgende week nog een keer krakende hersens voor ‘De technologie van het toeval’ door prof.dr. R.H.P.Kleis. Gelukkig zijn de grote lijnen terug te lezen in de samenvatting die we krijgen. Maar wie er meer over wil weten kan donderdag 11 dec. naar het Science Café The Shamrock in Nijmegen. Dan gaat Landsman daar in debat over het toeval met Gerard ’t Hooft. Over het toeval is ’t Hooft beroemd omdat hij na Einstein in de natuurkunde een van de laatste deterministen is en als natuurkundige wereldberoemd vanwege zijn werk aan het zogenaamde standaardmodel (een indeling van de kleinste deeltjes). Met Veldman won hij in 1999 de Nobelprijs voor natuurkunde. Landsman vroeg ons, zijn cursisten gisteren, dringend om 11 dec. te komen! Maar juist die avond moet ik van een andere Gerard (onze teamleider) in een thuiswedstrijd schaken! Toeval? Nee, noodlot!
Vergeleken met Oedipus is mijn noodlot niets dat geef ik toe. Arme Oedipus, u ziet hem hier met de sfinx van Thebe. Een schilderij van Gustave Moreaus.

Saturday, November 22, 2008

Sneeuw.



Sneeuw, vanmorgen 8 uur in Gorssel en afgelopen donderdag in Toronto.

Friday, November 21, 2008

De lengte van een kort verhaal.


Vandaag ontving ik van Müller/Snijders onderstaande e-mail, op de foto het Paterswoldsemeer.

Onderwerp: paterswolde

Topsporters is gepubliceerd in De Stentor. De geportretteerde vrouw heeft het gelezen, heeft zich herkend en belt mij op. Ik zet mijn stekels op en wacht af. Ze is heel vriendelijk en vraagt of ik het gedicht dat ik op 15 juli 1988 aan het ontbijt voor de lifter heb voorgedragen, nog steeds uit mijn hoofd ken. 'Nee', zeg ik, 'zulke dingen moeten onderhouden worden, zonder impulsen worden ze grijs en vervagen ten slotte volledig.' Ze vraagt waar ze het kan vinden. 'In de verzamelde werken op pagina 78', zeg ik, 'maar ik kan het u wel voorlezen.' Dat vindt ze aardig van me.

De Onbekende Vrouw

Een mooie vrouw is langs me heen gegaan;
Heel even bleef zij staan
En keek mij aan;
Toen is zij weer haar gang gegaan.

Was zij blond
Of was zij zwart?
Ik weet niet meer.

Alleen heeft zij me 't hart
In de fluwelen avondstond
Oneindiglik gewond;
En 't doet me nu zó zeer,
Dat ik lauwe tranen weende,
Langswaar zij henen ging,
Latend ontgoocheling,
In de droeve kring,
Die rond mij hing.

– – – – – – – – – – – – –

Nu dool ik langs de wegen,
Het hart met stille pijn doorregen,
Omdat 'k het niet weet, waarom ze m'aangekeken
Heeft en waarom deze onbekende vrouw
Zoveel rouw
In mij heeft nagelaten.

Ach, alleen weet ik dat zij henen ging
In het gesching
Van elektrieke kringen;
Hoog herrezen,
Latend in mijn wezen
De geur van haar heliotropen,
Als een rustig smartenmeer.



Ze stelt me een verrassende vraag: 'Ben ik die vrouw?'
Ik zeg: 'Dat lijkt me sterk, het gedicht is van juni 1914, u kan het dus niet lijfelijk zijn. Maar als u aan uzelf denkt als De Vrouw, dan maakt u een grote kans, want zeer veel vrouwen hebben zeer veel mannen ongelukkig gemaakt door slechts één keer langs te wandelen.'
Ze bedankt me voor mijn inzichtelijke poëzie-behandeling.

Thursday, November 20, 2008

Topsport.


Met de schrijver van “zeer korte verhalen” Peter Müller (A.L. Snijders) deel ik het ongenoegen over Rouvoet. Deze minister is geregeld te zien en te lezen maar heeft tot nu toe aan het werk waarvoor hij is aangesteld niets gedaan. Van Müller ontving ik gisteren de volgende beschouwing. Op de foto de “topsporter” Mike Tyson voormalig wereldkampioen zwaargewicht boksen.

“ Een nooit eindigende riedel: de jeugd ontspoort. Rouvoet is ontzet over de geslachtelijke omgang. Ik lees het in de krant, het staat vast. Ik denk aan het ontbijt van 15 juli 1988. De jongen zit aan tafel, ik weet niet hoe hij heet, maar ik kook een eitje voor hem. De avond tevoren heb ik hem een lift gegeven, ik pikte hem op bij Amsterdam, hij ging naar Kopenhagen, maar ik ging niet verder dan Klein Dochteren – ik bood hem een bed aan, en maakte hem om zeven uur wakker. We praatten wat, want je kunt niet zwijgen als je met een vreemde ontbijt. Hij vertelde dat hij culturele antropologie studeerde aan de Vrije Universiteit, ik vertelde dat ik iedere week een gedicht uit mijn hoofd leerde. Hij was benieuwd, waarom deed iemand zoiets? Ik had een prozaïsche reden, mijn hersens, het was een anti-dementie-projekt. Hij vroeg een bewijs, ik declameerde zonder haperen 'De onbekende vrouw' van Paul van Ostaijen. Eerste regels: Een mooie vrouw is langs me heen gegaan; / Heel even bleef zij staan / En keek mij aan; / Toen is zij weer haar gang gegaan.
Hij vertelde dat hij in een café een meisje had ontmoet dat ook gedichten uit haar hoofd kende. Bovendien volgde ze aan de Universiteit van Groningen twee studierichtingen tegelijkertijd, Nederlands en psychologie. Met succes. En tenslotte liet ze zich alleen naaien door topsporters. Dat laatste had verschillende voordelen: ze waren dom en daardoor kon er geen onverhoedse liefde ontstaan (ze nam, als het even kon, ook nog het liefst getrouwde topsporters, dubbel safe tegen de liefde) en ze hadden geen enge ziektes. (Gedachtegang: topsporters zijn gezond, hun lichaam is hun kapitaal.)
Ik was onder de indruk – gedichten, twee succesvolle studies, topsporters als gesmeerde dekhengsten – en zei beduusd: 'Ik hoop dat ze tenminste lelijk was'. Maar nee, hij bood geen uitweg, het was een meisje van verblindende en schandelijke schoonheid. Hij zuchtte en mompelde: 'Sommige mensen hebben alles'.

Ik ga nog een stap verder, het meisje is nu twintig jaar ouder, nog steeds mooi, twee kinderen, succesvol psychotherapeute, mooie villa in Paterswolde. Als ze 's avonds in de krant over de zorgen van Rouvoet leest, knikt ze instemmend, en zegt tegen haar echtgenoot: 'Goed dat die man iets gaat doen tegen de verwildering van de zeden'.”

Hieronder het gedicht waar Müller/Snijders over schrijft (gesching: schittering).

De onbekende vrouw

Een mooie vrouw is langs me heen gegaan;
Heel even bleef zij staan
En keek mij aan;
Toen is zij weer haar gang gegaan.

Was zij blond
Of was zij zwart?
Ik weet het niet meer.

Alleen heeft zij me ’t hart
In de fluwelen avondstond
Oneindiglik gewond;
En ’t doet me nu zó zeer,
Dat ik lauwe tranen weende,
Langswaar zij henen ging,
Latend ontgoocheling,
In de droeve kring,
Die rond mij hing.

Nu dool ik langs de wegen,
Het hart met stille pijn doorregen,
Omdat ‘k niet weet, waarom ze m’aangekeken
Heeft en waarom deze onbekend vrouw
Zoveel rouw
In mij heeft nagelaten.

Ach, alleen weet ik dat zij henen ging
In het gesching
Van elektrieke kringen;
Hoog herrezen,
Latend in mijn wezen
De geur van haar heliotropen,
Als een rustig smartenmeer.

Wednesday, November 19, 2008

Wat is toeval?


Naar aanleiding van mijn blog van gisteren kreeg ik van Peter de vraag ‘Ja maar wat is toeval dan precies?’. Vanaf de Presocratici (o.a. Democritus) tot Landsman heeft de mens zich afgevraagd wat toeval is en nu komt Peter “even” met deze vraag! Hallo zeg, dat is te gek! Ik geef hem wat antwoorden van echte denkers:
Laplace, Franse astronoom en wiskundige (1749-1827): ‘Voor een intelligent wezen dat op een bepaald moment zowel alle krachten in de natuur kent als de toestand van alle deeltjes zou niets onzeker zijn, en zouden zowel de toekomst als het verleden bekend zijn.’
Hier heb je dus de determinist in pure vorm, Laplace verwierp dan ook het idee van een god volkomen.
Thomas van Aquino (1225-1274, in 1323 heilig verklaard):’Toeval gerelateerd niet aan oorzaak maar aan uitkomst van handelingen, die mensen door onvolmaaktheid niet kunnen voorspellen.’
Tot de 20e eeuw: toeval komt door menselijke onwetendheid.
In de eerste helft van de vorige is een gevolg van de quantummechanica het debat tussen Niels Bohr en Albert Einstein(God dobbelt niet) geweest, echt het hoogtepunt in de discussie over het toeval.

Tuesday, November 18, 2008

Het zuivere toeval bestaat!


Vandaag uitsluitsel gekregen van Klaas Landsman over de vraag ‘bestaat het zuiver toeval?’.
Ja, het bestaat! In 1964 gaf de wiskundige Johnn Steward Bell met de zogenaamde Bell-ongelijkheid het verlossende antwoord. In diezelfde vorige eeuw hadden alle grote geleerden zich met die vraag bezig gehouden en vooral het Bohr-Einstein debat van 1927 tot 1949 is ook bij een deel van het grote publiek bekend (Einsteins “God dobbelt niet!”). Op de foto zie je de Solvay conferentie van 1927 met alle groten uit de eerste helft van de vorige eeuw. Klik op de foto voor een vergroting. Op de voorste rij derde van links Marie Curie met naast haar Lorentz (de voorzitter, omdat hij de grootste natuurkundige van die tijd geacht werd ook door Einstein(!), en vloeiend zijn talen sprak) naast Lorentz zit Einstein. Op de tweede rij helemaal rechts Niels Bohr.
In ons land wordt nu Klaas Landsman als de grootste kenner op dit gebied beschouwd. Ja, het zuivere toeval bestaat! Google Klaas Landsman en u vindt alles wat er nu aan kennis over bestaat. Oh ja: natuurlijk schaakt Landsman, in de jaren tachtig was hij eenmaal jeugdkampioen van Nederland.